zondag 22 juli 2018

Stilstaan is geen optie

Echt tijd om stil te staan bij het verdriet is er niet. We moeten door. De boerderij moet door.
Aan de ene kant ben ik blij dat ik word meegesleurd door de dagelijkse routine. Zo kan ik niet echt blijven hangen in mijn eigen rouwproces. Het is zeker aanwezig, maar het komt later wel. Ik heb er nu geen tijd voor. Eerst moet ik voor mijn familie zorgen. Het bedrijf moet draaiende blijven, de dieren verzorgd. 

Ik vind het belangrijk om mijn sociale contacten te onderhouden. Daarna kijk ik wel een keer naar mezelf. Af en toe komen ze wel hoor, de tranen. Ik laat ze dan even gaan. Daarna ga ik weer verder, wat moet ik anders?

Ik baal soms dat er niet meer uren in een dag zitten. Er is zoveel te regelen en te doen. Rennen, vliegen. En af en toe een keer stil staan. 

Ik doe het allemaal met liefde, ik zie ook geen andere oplossing. Het is zoals het is, we hebben het er mee te doen. 

Maar héél soms loopt de emmer over. Ik voel aan mijn lijf dat het zwaar is. Ik wens dan dat het weer zo is als vroeger. Jij die nog in ons midden was.
Kon ik je nog maar één keer een knuffel geven, je geur opsnuiven. Dat je in mijn oor fluistert dat het allemaal goed komt. Dat het goed is wat ik doe. 

Ik raap mezelf weer bij elkaar en ga weer verder. Ik kan niet anders. 

vrijdag 6 juli 2018

Stil

Stil

Geen 'Wat heb je in je koffie?'
Geen 'Appel of kwark?'
Geen 'Bedankt hoor! Had niet gehoeven.'

Geen sappige roddels.
Geen gelach om slechte grappen.
Geen grote verhalen die iedereen al kent.

Stil.

Geen feestje dat vandaag gevierd kan worden.
Geen dag als alle anderen en toch óók weer wel.
Geen zin om bij de pakken neer te zitten.

Maar wél sta ik even stil.

Stil bij jouw verjaardag, die ik graag samen vieren wil.

vrijdag 4 mei 2018

dodenherdenking racistisch?

Allereerst ben ik dankbaar dat ik dit mag schrijven. Dat ik de vrijheid voel om dit te noteren en te delen.

Leven in vrijheid. Wat ben ik onze grootouders dankbaar dat zij hiervoor gestreden hebben. Het is niet vanzelfsprekend om zo te leven. Ik ben graag twee minuten stil om álle oorlogsslachtoffers te herdenken. Dat is het minste wat ik kan doen. Of het nou Pietje, of Klaasje is. Ik ben stil voor ze állemaal.

Nu wordt er door bepaalde mensen gezegd dat de herdenking racistisch zou zijn. Dat bepaalde 'groepen' worden uitgesloten. Iedereen is vrij om te gedenken wie hij wil. Dan gedenk jij deze mensen, tóch?

Ik vind het jammer dat er onrust is ontstaan rondom 4 mei. Ik hoop niet dat mensen thuis blijven uit angst dat er iets vervelends gaat gebeuren. Hebben we dan werkelijk niets geleerd van onze geschiedenis?

Aan de ene kant positief dat mensen dit onderwerp aan durven te kaarten. Het laat zien dat zij de vrijheid voelen om hun mening te geven.
En dáár draait het vanavond om. Om de vrijheid, die niet vanzelfsprekend is. Ik hoop dat zij dat óók inzien en ophouden met mierenneuken over wie wél of niet herdacht wordt. Wat schiet je ermee op?

Inplaats van schreeuwen om 20.00 uur kan je óók je respect tonen aan de mensen die jij zo belangrijk vindt. Sta even stil bij hen en hou vooral je mond.

Ellie

maandag 23 april 2018

Peuterpuber

Vanmorgen was ik boodschappen aan het doen. Ik hoorde in een gangpad naast mij een zucht. Vervolgens: "Blijf daar van af."
Ik liep door en zag een peuterpuber met -vermoedelijk- zijn moeder.

Even verderop zag ik dat kindlief een stoffer en blik gevonden had. Hij pakte het vast. "Terug leggen. DRIE.TWÉÉ.ÉÉN!"
Later hoorde ik: "Meekomen, nú."

De toon in combinatie met haar lichaamshouding gaven mij de indruk dat ze het even zwaar had. Hoe is haar nacht geweest? Heeft ze kunnen slapen? En de avonden ervoor? Zijn er meer kinderen?

Moeder en kind hebben afgerekend. Kind bleef bij de uitgang staan, moeder wilde door.

Inmiddels had het duo de aandacht getrokken. Mensen keken stiekem, maar zeiden niks. Inclusief ikzelf. Ik leefde met haar mee en tegelijkertijd voelde ik mij ongemakkelijk. Ik wilde namelijk niet dat zij zich opgelaten voelde door ons als 'toeschouwers.'

Ik passeerde de mevrouw en op het puntje van mijn tong lag: "Je doet het goed."

Ik durfde het niet te zeggen. Bang voor haar reactie, bang om me te 'bemoeien.'

Achteraf wou ik dat ik het wél had gedaan.

Bij deze, mevrouw uit de supermarkt: Je bent een goede moeder. Ik vind het knap van jou dat je je niet uit het veld hebt laten slaan door jouw peuterpuber. En al helemaal niet door ons; het publiek.
 
Als ik in deze situatie had gezeten was ik op de grond gaan liggen om te huilen, denk ik. 😉

Ellie

maandag 19 maart 2018

Paaseieren

Wist je dat paaseieren frustratie en teleurstelling kunnen veroorzaken?

Laten we beginnen bij het paaseieren zoeken. Gezellig...
Als mijn (groot)ouders de eieren aan het verstoppen waren gierde de adrenaline al door mijn lijf. Hoe dan ook, ik moest en zou méér eieren vinden dan mijn zus. Zij zat precies zo in elkaar, dus het zoeken ging er fanatiek aan toe. Als ik hoorde: "Ja, ik heb er één!" Raakte ik in de stress, want ik moest winnen! Dit gebeurde niet altijd, natuurlijk. Teleurstelling in mezelf en jaloezie naar mijn zus. We mochten evenveel chocolaatjes opeten, waarom we zo fanatiek waren?

Wat ik óók altijd een dingetje vind, is dat als de eieren in een mooie schaal op tafel liggen. Verschillende kleurrijke papiertjes zitten met je te flirten: "Eet mij op."
En vanaf dán begint het gedonder. Want welke smaak zit er achter welk papiertje?!

Over het algemeen heb ik in mijn paaseieetcarrière ontdekt: Rood = Puur. Blauw = Melk. Goud/geel = Wit.
Op zich is dat nog wel te handelen, maar er zijn óók mensen die hebben bedacht dat een vulling lekker kan zijn. (Klopt!)
En die papiertjes moeten natuurlijk óók een kleur, patroon hebben. En op dát moment raak ik in de war. Want welke kleur kan ik verwachten, bruin of wit? En vervolgens welke smaak?

Je pakt een eitje en hoe dan ook, je hebt altijd een verwachting. Zo pakte ik laatst één met een lichtgroen papiertje. In mijn beleving zat hier een melkeitje in met als vulling een hazelnoot.

Vol verwachting opende ik het papiertje. Melkchocolade. Check.
Ik stopte het in mijn mond en beet er op. Ik had mezelf er al op voorbereid dat ik even een nootje moest fijnmalen.
Mijn kaken gingen op en neer, ondertussen was ik al bijna aan het herkauwen, maar het nootje was in geen velden of wegen te bekennen.
 
Het was een zachte vulling. (Wel een lekkere, trouwens.) Maar ik was toch even in de war. Ik had écht een hazelnoot verwacht.

Ik ben tot de conclusie gekomen dat ik meer paaseieren moet eten om alle smaken, kleurcombinaties te kennen. Zo kom ik niet meer voor verassingen te staan. 😉
 
Ellie

dinsdag 13 maart 2018

Dodelijk ongeluk

Vandaag hoorde ik op de radio dat er een dodelijk ongeluk is gebeurd met een vrachtwagen.

Op zulke momenten beginnen mijn raderen instinctief te draaien. "Waar is Wim? Is er een kans dat hij het is?"

Ik probeer mezelf dan gerust te stellen dat als hij het werkelijk was geweest, ik het al wel geweten zou hebben. Soms bel ik hem even. Gewoon, voor de zekerheid. Onbewust een opluchting bij het horen van zijn stem.

Zal er vandaag ook iemand zijn geweest die haar geliefde probeerde te bellen. Gewoon, voor de zekerheid?
In spanning aan het wachten op zijn stem. Voicemail. Nog een keer proberen. Wéér niet.


Verhoogde hartslag.

Misschien is hij uit de wagen? Nog een keer proberen.

Geen gehoor.

Oplopende paniek.

Het zou toch niet?

...Of zou zijn telefoon helemaal niet meer over zijn gegaan?


Hij was aan het werk. Waarvoor wilde hij geld verdienen? Had hij familie, kinderen? Wat waren zijn dromen? Waar werd hij gelukkig van? Wat was zijn humor? Had hij plannen?

Alles is in één klap weg.

Ik las dat als gevolg van dit ongeluk er een 'kijkersfile' is ontstaan. Daar word ik altijd een beetje kriebelig van. Mensen zijn dan gewoon aan het sensatie zoeken. Ik hoop voor de mensen die graag gas terug nemen om te zien wat er gebeurd is, dat er nooit een bekende bij de slachtoffers zit.

Want als dit wél zo is, wil je dat mensen vóór zich kijken en dóór rijden.

Doe dat zelf dan ook in zo'n situatie.

Sterkte voor de nabestaanden.

Ellie

woensdag 17 januari 2018

Eindstation

Ze zeggen dat er goed voor me gezorgd gaat worden. Alsof ik dat zelf niet kan.

Moet je dit hokje zien, dit kunnen ze toch geen (t)huis noemen! Ik heb onze halve inboedel moeten verkopen, omdat het hier niet past. Gedwongen afscheid moeten nemen van onze spullen. Het meubilair, alles was van ons samen. Ik heb wéér een stukje van jou los moeten laten.

Ik mis het samen zijn. Al die jaren, we hoorden bij elkaar. Het spijt me dat ik je niet zo vaak kom bezoeken. Ze zeggen dat het niet vertrouwd meer is om auto te rijden. Wéér een stukje vrijheid dat ze mij ontnomen hebben.

Ik hoor je zeggen dat ik niet zo'n brompot moet zijn. Ik weet het ook wel, je hebt gelijk. Maar ik baal zó. Dit is niet wat wij voor ogen hadden. We zouden samen oud worden. Samen de boel op stelten zetten in het bejaardentehuis, bij die gedachten hadden we al pret.


Je had het me beloofd..

En nu. Nu zit ik hier alleen. Weggestopt in een hokje.

Ik besef dat ik op mijn eindstation ben aangekomen. Ik moet hier wachten. Hoe lang? Dat weet niemand.

Ik moet hier wachten op het einde.

Ik moet hier wachten op de dood.

Ik moet hier wachten op onze hereniging.



Ellie